
Zo werkt ASN Bank aan een mooiere toekomst
Met geld bouwt ASN Bank aan de toekomst van ons allemaal. Door te investeren met oog voor mens, dier en natuur dragen we bij aan een duurzamere wereld. Lees hoe we dat precies doen.
We vinden het vaak leuke, zoemende beestjes die we graag verwelkomen in de tuin of op het balkon. Maar bijen en andere bestuivers hebben we vooral ook nodig: ze hebben een onmisbare functie in het ecosystemen en onze voedselvoorziening. Ze spelen een belangrijke rol bij de voortplanting van planten en gewassen. Die bestuiving gebeurt voornamelijk door de wilde bij. Nederland kent meer dan 360 soorten wilde bijen die onderling enorm variëren: dat zijn grote bijen, kleine bijen en bijen die maar één specifieke plantensoort bestuiven, zoals de bosbesbij. Maar de wilde bijen hebben het moeilijk in Nederland. 55% van de soorten wordt in Nederland bedreigd of is al uitgestorven.
Bijen zijn belangrijk voor de bestuiving van wilde planten en landbouwgewassen
Honingbijen zijn óók bestuivers. Ze gaan op zoek naar nectar in bloemen, en maken in hun bijenkast daar honing van. Die bewaren ze als voorraad voor de winter. Honingbijen bestuiven tijdens hun zoektocht naar nectar ook bloemen. En dat lijkt positief, maar is het niet per se. Honingbijen lijken namelijk wel minder goed te bestuiven. Wilde bijen kunnen zorgen voor meer variëteit en een grotere opbrengst in gewassen. Ook Theo Zeegers, insectendeskundige bij Stichting EIS, kenniscentrum voor insecten, maakt zich zorgen: "De wilde bijen hebben het moeilijk in Nederland. Dat heeft een paar grote hoofdoorzaken: verdroging, vermesting, verzuring van de bodem, verstedelijking en het gebruik van pesticiden. Door stikstof en langdurige droogte wordt het landschap eentoniger: met meer gras en minder bloemen. En die schaarse bloemen moet de wilde bij ook nog eens delen met de honingbij."
En de honingbij is een ander beestje dan de wilde bij, vertelt Theo: "Een honingbij is eigenlijk veeteelt. Net zoals dat we in Nederland koeien hebben omdat mensen ze fokken, hebben we ook honingbijen dankzij menselijke activiteit." En die honingbij heeft ander eigenschappen dan de wilde bij. "Veel wildebijensoorten zijn alleen in bepaalde periodes actief, bijvoorbeeld aan het begin van de bloesemtijd of juist aan het einde. De honingbij is juist jaarrond actief." En waar de wildebijensoorten vaak kieskeurig zijn als het gaat om welke bloemen ze bezoeken, zijn honingbijen alleseters. Ze hebben daarmee een belangrijke voorsprong op de wilde bij.
Daar komt nog bij dat honingbijen altijd met veel zijn. Theo: "Wilde bijen leven solitair, dus in hun eentje. Maar honingbijen worden gehouden in volken van tien- tot veertigduizend werksters. Ongeveer de helft van dat volk vliegt ergens rond buiten de kast. Dus bij elke bijenkast vliegen er ongeveer 20.000 werksters in de buurt. Honingbijen zijn over het algemeen ook groter dan wilde bijensoorten, dus tegen zoveel overmacht is de wilde bij niet bestand."
Honingbijen leven in volken met tot wel 40.000 werksters
Om te meten hoe groot die invloed van de honingbij nu in werkelijkheid is, heeft EIS onderzoek gedaan bij een heidegebied van Defensie. "Heide is goed landschap om dit te onderzoeken," vertelt Theo. "Er bloeit maar één soort bloem, dus zowel honingbijen als wilde bijen moeten het daarmee doen. We zagen dat hoe dichter je bij de bijenkasten kwam, hoe minder wilde bestuivers er waren. Dat betekent dus dat honingbijen de wilde bijen wegjagen."
Bijenkasten plaatsen is dus lang niet altijd een goed voor de natuur. “Vergis je niet," zegt Theo. "Voor commerciële honing worden soms duizenden bijenkasten jaarrond neergezet naast een natuurgebied, zoals dat nu bij de Biesbosch gebeurt. Dan heeft het grote invloed op de omgeving. Daarom is het beste om kleinschalig te imkeren, en bijenkasten alleen te plaatsen op plekken waar en momenten waarop de wilde bij minder actief is.
De wilde bij heeft het dus moeilijk in Nederland. Hoe erg is dat eigenlijk? Theo: "Voor de bestuiving van wilde bloemen maar ook voor landbouwgewassen is de honingbij geen acute bedreiging. Ook honingbijen bestuiven tenslotte gewassen, alhoewel variëteit in bijen wel belangrijk is. Maar de achteruitgang van wilde soorten is wél een teken aan de wand dat het niet goed gaat met de natuur. Dat drijft mij: De achteruitgang van bijen, hommels, zweefvliegen en andere insecten laten zien dat ecosystemen niet meer functioneren. Daar zit het probleem. De honingbij maakt het de wilde bij alleen extra moeilijk "
Daarom is het belangrijk om de eerst de grootste gevaren voor de Nederlandse natuur aan te pakken. Theo: "Bijen komen voor in open habitats: op graslanden en heiden. Maar onze open terreinen groeien dicht vanwege de stikstof. En onze weidegebieden zien er op het oog wel groen uit, maar zijn in werkelijkheid eentonig 'grasfalt' geworden. Dankzij die stikstofdeken groeien er veel minder kruiden en bloemen waar de wilde bestuivers van leven." Om dat aan te pakken, moet er veel gebeuren. "Daar ligt een grote taak voor de overheid. Als burger kun je daarom vooral invloed uitoefenen door je stem te laten horen.”
Een andere gevaar voor insecten zijn pesticiden, de zogenaamde neonicotinoïden. Die worden in de landbouw gebruikt, maar helaas ook in de meeste tuinplanten. "Als je dus een gangbaar 'bij- of vlindervriendelijk' plantje koopt bij een gemiddeld tuincentrum, koop je eigenlijk een plantje vol bijengif,"vertelt Theo. "Niet doen dus, koop liever biologische tuinplanten. Het is vaak even zoeken, maar wel de moeite waard."
En honing, kunnen we dat nog wel met een gerust hart kopen? "Je kunt als consument nadenken wat je eigenlijk wil,” zegt Theo. “Grootschalige imkerijen zijn bedrijven die gewoon keihard geld willen verdienen. De kasten staan op hun eigen grond, maar de bijen halen de nectar op een nabijgelegen natuurgebied. Er zijn ook kleinschalige, hobbymatige imkerijen die honing maken. Zij hebben veel minder invloed op de omliggende natuur."
Met minder tegels en meer gifvrije bloemen help je de bijen
Wat kun je als consument doen om wilde bestuivers zoals bijen te helpen?